“Want Ik weet, welke gedachten Ik over u koester, luidt het woord des
HEREN, gedachten van vrede en niet van onheil, om u een hoopvolle
toekomst te geven...dan zult gij Mij zoeken en vinden, wanneer gij naar Mij
vraagt met uw ganse hart, Dan zal Ik Mij door u laten vinden, luidt het
woord des HEREN, en in uw lot een keer brengen; dan zal Ik u verzamelen
uit alle volkeren en van alle plaatsen waarheen Ik u verstoten heb, luidt het
woord des HEREN, en u terugbrengen naar de plaats vanwaar Ik u in
ballingschap heb doen wegvoeren".
(Jeremia 29:11, 13-14)